1. A650 Onésimus, de slaaf (Fmn) Ab Klein Haneveld 01:18:59

De mens is altijd een dienstknecht, c.q. slaaf. De brief aan Filémon, waarin Paulus de slaaf Onésimus naar de geadresseerde terugzendt, bevat alleen daarom al veel symboliek. De mens wordt geacht de Heer te dienen, zoals Onésimus (type van zowel heel de mensheid als de tien stammen), nadat die door Paulus’ boodschap tot geloof was gekomen. De natuurlijke mens leeft in slavernij, onttrekt zich aan God, gaat massaal niet in op Jezus’ roepstem en verbergt zich voor Hem, zoals eens Adam. Hoewel die tenminste nog reageerde op Gods stem, toen Hij riep: ‘Adam, waar zijt gij.’ Geenszins is de moderne opvatting juist dat ieder mens een parel in Gods hand is. Maar Hij roept hem wel op tot Christus te komen en zich nuttig voor Hem te maken, Wiens juk zacht en Wiens last licht is. De Bijbel leert dat de tien stammen wegliepen, maar eens, zoals Onésimus, terug zouden keren. Dáár werd geloofd in het aan Abraham beloofde Zaad, Christus, terwijl de Joodse overheid (twee stammen) ook na Diens opstanding Hem niet als de Messias wilde.

“Maar heeft Zichzelven vernietigd, de gestalte van een dienstknecht aangenomen hebbende, en den mensen gelijk geworden.”

“Ik toch heb Mijn Koning gezalfd over Sion.”